Wild Overnachten in Europa

Laten we voorop stellen dat je op reguliere, als zodanig aangewezen camperplaatsen in alle landen wild mag overnachten1), tenzij het verboden is, en natuurlijk ook op campings. Voor de vraag of het daarbuiten, op parkeerplaatsen, langs de weg of echt “in the middle of nowhere” overnachten in de camper is toegestaan, raadpleeg onderstaand lijstje. Ik wil hier gezegd hebben dat heet lijstje een hele summiere samenvatting is van de wettelijke regels in de genoemde landen en is ook alleen maar bedoeld om in grove lijnen de verschillen tussen de landen aan te geven.

Albanië
Wild camperen toegestaan, behalve in beschermde natuurgebieden
Andorra
Wild camperen verboden, ook op parkeerplaatsen
België
Wild camperen verboden; Op parkeerplaatsen max 24 uur, maar plaatselijke verordeningen kunnen anders bepalen.
Bosnië-Herzegovina.
Wild camperen toegestaan, ook in natuurgebieden, maar een waarschuwing voor mijnen uit de Joegoslaviëoorlog is op z’n plaats.
Bulgarije
Wild camperen verboden, Op grote parkeerplaatsen wordt het gedoogd.
Denemarken
Wild camperen verboden; Op parkeerplaatsen max 24 uur.
Duitsland
Wild camperen verboden. Op parkeerplaatsen en langs de weg max. 24 uur (uitsluitend om, zoals de Duitsers zo treffend zeggen: “die Fahrtüchtigkeit zu herstellen”).
Engeland
Wild camperen verboden. Op speciaal aangewezen parkeerplaatsen toegestaan
Estland
Wild camperen in natuurgebieden toegestaan. Op speciale parkeerplaatsen toegestaan.
Finland
Wildkamperen in Finland is erg gebruikelijk. Sterker nog veel parken zijn er ook goed op ingesteld. Zo heb je overal handige voorzieningen zoals houtvuur of gezamenlijke barbecue plaatsen waar iedereen (kosteloos) gebruik van mag maken. Ook kun je naar hartenlust bessen, paddenstoelen of noten plukken. Mits je verder zo zorgvuldig mogelijk met de natuur omspringt.
Frankrijk
Voor campers met een laadvermogen tot 3500 kg èn een “straat”-oppervlakte kleiner dan 20 m² geldt dat overal waar je regulier mag parkeren je ook mag overnachten, zelfs in natuurgebieden 2). Burgemeesters willen nog wel eens een algeheel verbod afkondigen maar dat is in strijd met de wet. 3) Voor campers met een laadvermogen groter dan 3500 kg gelden de regels van “poid-lourds” (vrachtwagens); gemeenten hebben voor vrachtwagens vaak lokale verboden ingesteld om te parkeren en daarvoor bijzondere parkeerplaatsen aangewezen. Buiten reguliere parkeerplaatsen met toestemming van de grondeigenaar.
Griekenland
Wild camperen verboden. Op parkeerplaatsen is overnachten toegestaan tenzij uitdrukkelijk verboden.
Hongarije
Wild camperen verboden. Op speciaal daartoe aangewezen parkeerplaatsen toegestaan.
Ierland
Wild camperen verboden; Op parkeerplaatsen en langs de weg max 24 uur. Daarbuiten met toestemming van de grondeigenaar toegestaan.
IJsland
Wild camperen verboden, ook op parkeerplaatsen.
Italië
Wild camperen verboden. Op parkeerplaatsen overal toegestaan. Daarbuiten met toestemming van de grondeigenaar toegestaan.
Kroatië
Wild camperen verboden. Op speciaal daartoe aangewezen parkeerplaatsen toegestaan. Daarbuiten met toestemming grondeigenaar en voor openbare gebieden van de politie.
Letland
Wild camperen toegestaan met toestemming lokale overheid of grondeigenaar, behalve nationale parken. Toestemming ook vereist op parkeerplaatsen.
Lithouwen
Wild camperen toegestaan, behalve in nationale parken.
Luxemburg
Wild camperen verboden. Op speciaal aangewezen parkeerplaatsen toegestaan.
Macedonië
Wild camperen verboden, ook op parkeerplaatsen.
Montenegro
Wild camperen verboden, ook op parkeerplaatsen.
Noorwegen
Wild camperen is toegestaan, echter er geldt aanvullend het ‘Terrängkörningslagen’, zeg maar het verkeersreglement wild terrein voor motorvoertuigen. Het is verboden om met een auto, motorfiets, bromfiets of andere gemotoriseerde voertuigen op onbedekte bodem in de natuur te rijden (dus buiten de paden!). Je mag wel vrij over andermans land of water bewegen, zolang dit geen hinder of ongemak voor de eigenaar van het land of water veroorzaakt en je mag één nacht kamperen met een camper op het land van een ander.
Oekraine
Wild camperen verboden, ook op parkeerplaatsen.
Oostenrijk
Wild camperen verboden. Overnachten op parkeerplaatsen toegestaan, behalve in Wenen, Tirol en in nationale parken.
Polen
Regelgeving onduidelijk, geen direct verbod; afhankelijk van interpretatie opsporingsambtenaar! Op aangewezen plaatsen toegestaan.
Portugal
Wild camperen verboden (pas op: sinds 27 november 2020 een milieu-misdrijf met boetes van minimaal € 200,- tot maximaal € 36.000,- afhankelijk van hoe jij je gedragen hebt!). Op 22 juli 2021 is een wetsvoorstel aangenomen in het Portugese Parlement waarbij is bepaald dat het verboden is om in campers of kampeerwagens te overnachten in Natura2000 gebieden, beschermde gebieden en gebieden die vallen onder de kustgrensbeheerplannen, behalve op plaatsen binnen die gebieden waar het uitdrukkelijk is toegestaan. In de rest van het grondgebied is overnachten in kampeerwagens gedurende 48 uur op één en dezelfde plaats weer toegestaan, tenzij het uitdrukkelijk in gemeentelijke verordeningen is verboden. Er blijft gelden dat op speciaal daartoe aangewezen camperplaatsen overnachten is toegestaan; in deze laatste categorie worden er veel door de lokale overheid aangelegd met alle voorzieningen en veelal gratis.
Roemenië
Wild camperen toegestaan met toestemming lokale overheid en/of grondeigenaar. Overnachten op speciaal daartoe aangewezen parkeerplaatsen toegestaan
Schotland
Bijna overal toegestaan onder voorwaarden. Zie Scottish Outdoor Access Code
Servië
Wild camperen verboden, ook niet op parkeerplaatsen.
Slovenië
Wild camperen verboden; boete’s tot € 500,- en in beschermde natuurparken daarboven. Op speciaal daartoe aangewezen parkeerplaatsen toegestaan.
Slowakije
Wild camperen verboden. Op speciaal daartoe aangewezen parkeerplaatsen toegestaan.
Spanje
Wild camperen toegestaan onder voorwaarden afhankelijk van regio-bestuur. Overnachten op parkeerplaatsen is toegestaan onder de voorwaarden dat je de omtrek van het voertuig niet vergroot (geen trapje uit, geen klapraam open, geen luifel uit) en je mag (tenzij op hellend terrein) geen stabilisatiepoten (levellers) gebruiken.
Tsjechië
Wild camperen is verboden. Overnachten op specaal daartoe aangewezen parkeerplaatsen voor campers is toegestaan; camping-gedrag verboden.
Zweden
Wild camperen is toegestaan (“allemansrecht”). Grondregel: “Take nothing but memories, leave nothing but footprints”
Zwitserland
Wild camperen verboden. Overnachten op speciaal daartoe aangewezen parkeerplaatsen toegestaan.

Wild overnachten in één oogopslag
Lees wel de voorwaarden waaronder je dan mag overnachten

1) Onder “Wild Overnachten” wordt hier de minimale variant verstaan: in een camper overnachten buiten een kampeerterrein of officiële, als zodanig aangewezen camperplaats. <terug>
2) Question écrite n° 09409 de M. Jean Louis Masson (Moselle – NI)
publiée dans le JO Sénat du 02/07/2009 – page 1651
M. Jean Louis Masson demande à M. le ministre de l’intérieur, de l’outre-mer et des collectivités territoriales de lui indiquer quelles sont les règles de stationnement des camping-cars sur le domaine public et sur le domaine privé et quels sont éventuellement les pouvoirs de réglementation des maires.

Réponse du Ministère de l’intérieur, de l’outre-mer et des collectivités territoriales
publiée dans le JO Sénat du 24/06/2010 – page 1637
Les camping-cars sont considérés soit comme des véhicules de catégorie M1 conduits avec un permis B, lorsque leur poids est inférieur à 3,5 tonnes, soit comme des poids lourds, lorsqu’ils dépassent le tonnage de 3,5 tonnes (art. R. 221-4 du code de la route). Les camping-cars peuvent stationner au même titre que les autres véhicules de la catégorie à laquelle ils sont rattachés et dans le respect des mêmes règles. En effet, s’agissant de véhicules automobiles, les camping-cars ne sauraient être privés du droit de stationner sur le domaine public, dès lors que leur arrêt ou leur stationnement n’est ni dangereux (art. R. 417-9 du code de la route), ni gênant (art. R. 417-10 et R. 417-11 du code précité) ni abusif (art. R. 417-12 et R. 417-13 du même code). Dans les zones touristiques délimitées par l’autorité investie du pouvoir de police, le stationnement gênant d’un véhicule ou d’un ensemble de véhicules de plus de 20 mètres carrés de surface maximale est considéré comme abusif lorsqu’il est poursuivi pendant plus de deux heures après l’établissement du procès-verbal constatant l’infraction pour stationnement gênant. Le stationnement abusif est puni de l’amende prévue pour les contraventions de la quatrième classe. Lorsque le conducteur ou le titulaire du certificat d’immatriculation est absent ou refuse, malgré l’injonction des agents, de faire cesser le stationnement abusif, l’immobilisation et la mise en fourrière peuvent être prescrites dans les conditions prévues aux articles L. 325-1 à L. 325-3 du code de la route. Hors zones particulières, tout stationnement au même endroit pour une durée excédant sept jours est proscrit. Le maire peut de plus réduire cette durée par un arrêté municipal motivé. Le droit de prescrire des mesures plus rigoureuses lui est notamment accordé par l’article R. 411-8 du code précité, dans la limite des pouvoirs qui lui sont conférés par les lois et règlements, dès lors que la sécurité de la circulation routière l’exige. Le maire peut également fonder ses décisions sur l’intérêt de l’ordre public. Par ailleurs, le maire peut, par arrêté motivé, au titre de ses pouvoirs de police de la circulation et du stationnement et eu égard aux nécessités de la circulation et de la protection de l’environnement, interdire ou réserver à certaines heures l’accès de certaines voies de l’agglomération ou de certaines portions de voie à diverses catégories d’usagers ou de véhicules, ou encore réglementer l’arrêt et le stationnement des véhicules ou de certaines catégories d’entre eux, ainsi que la desserte des immeubles riverains (art. L. 2213-2 du code général des collectivités territoriales). Toujours par arrêté motivé, le maire peut ainsi, par exemple, interdire l’accès de certaines voies ou de certaines portions de voies ou de certains secteurs de la commune aux véhicules dont la circulation sur ces voies ou dans ces secteurs est de nature à compromettre soit la tranquillité publique, soit la qualité de l’air, soit la protection des espèces animales ou végétales, soit la protection des espaces naturels, des paysages ou des sites ou leur mise en valeur à des fins esthétiques, écologiques, agricoles, forestières ou touristiques. Dans ces secteurs, le maire peut, en outre, soumettre à des prescriptions particulières relatives aux conditions d’horaires et d’accès à certains lieux et aux niveaux sonores admissibles les activités s’exerçant sur la voie publique, à l’exception de celles qui relèvent d’une mission de service public (art. L. 2213-4 du code général des collectivités territoriales). Sauf circonstances locales exceptionnelles, les motifs légaux tirés de l’article L. 2213-4 du code général des collectivités territoriales ne permettent pas d’édicter à l’encontre de tous les camping-cars une interdiction générale de stationner sur l’ensemble de la commune. La jurisprudence du Conseil d’État s’est du reste toujours montrée hostile aux interdictions générales et absolues. Certaines restrictions peuvent en effet être tolérées à condition qu’elles ne soient ni générales ni absolues et que leur justification apparaisse comme suffisamment motivée au regard des contraintes locales par des considérations liées à la sécurité, la salubrité, la tranquillité publiques, ou bien encore à l’environnement (Conseil d’État, 24 janvier 1994, commune de Vauxaillon). S’agissant du stationnement sur le domaine de personnes privées, le code de l’urbanisme considère le camping-car comme une caravane et précise donc les conditions et les limites de son stationnement (art. R. 111-37 à R. 111-40, R. 421-23 et R. 421-19 du code de l’urbanisme).
Zie ook de ministeriële verordening van 19 oktober 2004 die elk onderscheid tussen dag- en nachtparkeren voor campers, al dan niet op dat moment in gebruik, verbiedt.

3) In de artt. L411-11 e.v. regelt de Code de la Route in extenso de bevoegdheden van de burgemeester om maatregelen te nemen om de circulatie van het verkeer te bevorderen. Op grond hiervan moet een dergelijk reglementeren helder worden gedefinieerd en gemotiveerd en zij mogen alleen verband houden met specifeke criteria, geldend voor alle voertuigen zoals gewicht, grootte, hoogte enz. Categoriale verboden (zoals bijvoorbeeld alleen voor campers) mogen niet worden ingevoerd.
De Minister verwoord het aldus (als jouw Frans goed genoeg is): “Sauf circonstances locales exceptionnelles, les motifs légaux tirés de l’article L. 2213-4 du code général des collectivités territoriales ne permettent pas d’édicter à l’encontre de tous les camping-cars une interdiction générale de stationner sur l’ensemble de la commune. La jurisprudence du Conseil d’État s’est du reste toujours montrée hostile aux interdictions générales et absolues. Certaines restrictions peuvent en effet être tolérées à condition qu’elles ne soient ni générales ni absolues et que leur justification apparaisse comme suffisamment motivée au regard des contraintes locales par des considérations liées à la sécurité, la salubrité, la tranquillité publiques, ou bien encore à l’environnement (Conseil d’État, 24 janvier 1994, commune de Vauxaillon).

(Oorspronkelijk opgesteldt 10 juli 2018) Laatstelijk bijgewerkt: 15 maart 2022